Truffels en trauma

Daar zit ik dan, met een vrolijk rood schaaltje gevuld met truffels voor mijn neus. Het lijken wel walnoten. Ik neem vandaag deel aan een truffelceremonie, samen met zes andere mensen, allemaal vrouwen. Een tijdje geleden heb ik twee Netflix-documentaires gekeken, te weten “Fungi” en “Magic Medicine”. Daarin wordt verteld dat psilocybine, de werkzame stof in truffels, positieve effecten heeft op onder andere depressie, angst, traumaverwerking en chronische overprikkeling. Met name dat laatste interesseert me en dat is voor mij de belangrijkste reden om truffels te willen proberen, omdat ik zo klaar ben met die dagelijkse, constante, supersnelle overprikkeling. Het wordt in de documentaires zo uitgelegd dat psilocybine een soort chaos in je hersenen creëert, waarna het brein een reset krijgt en de aanmaak van nieuwe neurotransmitters in gang wordt gezet, waardoor je kunt genezen van mentale manco’s. Kitty, van de aardse spirituele ontmoetingsplek Lichtjes aan de Haven, ken ik al een paar jaar en het voelt vertrouwd om bij haar de ceremonie te gaan doen.        

 

Om tien uur beginnen we de dag met het aansteken van een kaars voor jezelf en als je wilt nog één voor iemand die belangrijk voor je is. En we trekken een kaart, ik pak er een met het woord “Vrijheid” erop. Mijn belangrijkste kernwaarde. Dat kan geen toeval zijn. Iedereen spreekt zijn intentie voor het nieuwe jaar uit, de mijne is “een nieuw verhaal”. Daarna doen we een verbonden ademsessie ter voorbereiding op de psychedelica. Ademcoach Floor begeleidt het ademen met verve, she owns the floor. Tijdens het ademen leggen Floor en Kitty soms hun handen op je benen of heupen om de aandacht laag in het lichaam te houden. Door het verbonden ademen schoon je je lichaam en geest op, er komt bij mij wat in het lichaam opgeslagen spanning los, omdat ik het nemen van de truffels toch wel spannend vind.   

 

Floor en Kitty zitten centraal in het midden van de ruimte om iedereen goed te kunnen zien. Als er tijdens je reis iets is waar je hulp bij nodig hebt, kun je je hand opsteken en dan komen ze je ondersteunen. Bijvoorbeeld als je een moeilijk moment hebt, of als je naar de wc moet. Want door de truffels gaat het lopen wat lastiger omdat je brein de coördinatie een beetje kwijt is.   

 

Ik begin maar gewoon te eten. “En goed kauwe hè, da’s belangrijk. Goed kauwe, hè, dat je eten gelijkmatig in je bloed komp. Goed kauwe is je halve eten,” zei Kees Van Kooten vroeger al in de sketch van de Klisjeemannetjes en dit geldt dus ook voor de truffels; goed kauwen geeft de beste werking. Na een half uur begin ik wat te voelen. De gedimde lampen boven mijn hoofd beginnen een beetje te draaien en de piep in mijn oor wordt wat harder. De muziek uit de speaker op het plankje boven mij beluister ik intenser. Ik ga liggen en doe mijn ogen dicht. Kitty legt uit dat een truffelreis vaak uit meerdere hoofdstukken bestaat.

 

Het voelt alsof ik in een karretje zit van de Python in de Efteling en langzaam omhoog word getrokken naar het hoogste punt. En dan begint het. Het karretje stort zich naar beneden en knalt zo de eerste looping van de achtbaan in. Deel één van de reis vangt aan: hoofdstuk Controleverlies. Het gevecht tegen het loslaten van de controle. Ik vind het lastig om me over te geven aan de truffelachtbaanrit. Steeds doe ik weer m’n ogen open en kijk naar Floor en Kitty, die constant van vorm veranderen. En ik zoek constant naar ankertjes in de ruimte. Lichtjes, trommels, plantjes, alles grijpen mijn ogen aan om naar te kijken en in het nu te blijven. Blijkbaar is “in het moment leven” een onbewust controlemiddel van mijn brein. Ik schakel een hulplijn in en Kitty komt naast me zitten en pakt m’n hand vast. Ik wil de andere reizigers niet storen met mijn praatjes, ik mag van mezelf anderen niet tot last zijn. Ik herken dit als een diepgewortelde beperkende overtuiging. Maar Kitty zegt dat ik mag zeggen wat ik wil en dat ik nooit teveel ben. Kitty stelt voor m’n ogen dicht te doen en te gaan liggen en me over te geven. Ik voel trots opwellen dat ik om hulp vraag, dat vind ik normaal gesproken erg lastig, omdat ik er diep vanbinnen van overtuigd ben dat ik geen hulp verdien. En omdat ik vind dat ik alles alleen moet kunnen oplossen. Ik word wat onrustig en waggel naar de dames in het midden van de ruimte. Door de werking van de truffels kun je diepte minder goed inschatten en de wereld draait een beetje. Ik ga voor Kitty en Floor op de vloer zitten en vervolgens liggen en dan eindelijk lukt het. Ik geef me over aan de innerlijke reis en strompel terug naar m’n matras.   

 

Plotseling overvalt me een gevoel van diepe liefde voor iedereen. Het hoofdstuk Liefde neemt haar intrede in mijn hoofd. Vervolgens kan ik de schoonheid van deze truffeltrip zien en moet lachen, er treedt ontspanning op. Als ik naar Floor en Kitty kijk, zie ik engeltjes en hartjes. De muren zijn ineens roze en de gele lampen worden rood. Ik denk aan alle lieve mensen in mijn leven. Aan mijn ouders, broertje, zusje, neefjes, vrienden en vriendinnen en ik voel vanuit mijn onderbuik een dikke witte straal van liefde naar mijn hart stromen en dan vanuit mijn hart stroomt het witte licht richting al mijn “loved ones.” Alsof we een schimmeldradennetwerk van liefde zijn verbind ik me met alle mensen van wie ik hou. Ik heb zin om te dansen en voel een gepassioneerde, ondeugende, ritmische levensenergie opkomen. En ik waan mezelf omringd door acht vrouwelijke engelen. Rudi’s angels.

 

Vanuit die staat van diepe liefde word ik ineens een donker gat ingetrokken. Ik kreun wat in het wilde weg en als ik m’n ogen opendoe zit Floor naast me en pakt mijn hand om me gerust te stellen. Hoofdstuk Angst is begonnen. Even later legt ze een hand op mijn buik en de andere onder mijn onderrug, om me weer laag in de buik te laten ademen, want mijn adem zat door het angstige gevoel hoog in mijn keel. Ik vraag of het al klaar is. Floor antwoordt dat de reis nog wel eventjes zal duren. Ik raak een beetje in paniek, word claustrofobisch en voel een diepe verlatingsangst opkomen. Oude angsten die ik nog ken van vroeger komen weer op. Floor neemt me liefdevol mee naar een andere ruimte. Ik kan daar ook gelijk naar wc. Op de wc is een douche. Ik durf het donkere douchegordijn niet te openen omdat ik bang ben voor wat er achter zit. Tegelijkertijd bedenk ik me dat ik niet elk donker gordijn van het leven hoef te openen. Ik voel een diep verdriet als ik bij Floor terugkom na het plassen. “Je kunt ook stoppen met vechten tegen de angst Ruud. Laat het er maar zijn,” zegt ze en loopt met me mee naar mijn matras. Ik ervaar dat je tijdens een truffelreis ook de minder leuke delen van het leven kunt tegenkomen.   

 

Het hoofdstuk Liedjes zit een beetje door de hele trip in mijn brein verweven, gemixt met de andere hoofdstukken. Op meerdere momenten kan ik zo intens genieten van de muziek en soms is de muziek gelinkt aan het hoofdstuk dat ik op dat moment beleef. In het begin van de trip bij het gevecht tegen controleverlies komt het nummer “Allowing” van Alexia Chellun hard en raak binnen. “The Power Of Love” van diezelfde artiest hoor ik tijdens het hoofdstuk Liefde. En als ik met Floor  terugloop vanaf de wc hoor ik een vrolijk en heldhaftig nummer van “Lord of the Rings”, alsof de muziek me zeggen wil dat de strijd tegen de angst gestaakt mag worden. Verder zijn “Hallelujah” in de versie van Lisa Lois me bijgebleven, evenals het prachtige lied “Ravijn” van Veldhuis en Kemper. Vooral het stukje uit het refrein raakt me in de roos van mijn hart. “Want de allermooiste bloemen, groeien vlak langs het ravijn. En om die te kunnen plukken, moet je durven bang te zijn.” Ik heb altijd gedacht dat ik de plukker was, maar ik blijk de bloem te zijn. Wauw. 

 

Grappen, het laatste hoofdstuk van mijn reis, is het leukst en het lichtst. Het gaat over humor en relativeringsvermogen. Een eigenschap waar ik zeer blij mee ben en die ik van mijn vader heb geërfd. Het betrekkelijke van het leven kunnen inzien zit ons in de genen. Het houdt me op de been in mindere tijden. Ik denk dat de truffelreis één grote grap is en glimlach gul naar Floor en Kitty. Telkens als één van de twee naar de deur van de rustruimte loopt, denk ik dat ze Ralph Inbar van Bananasplit naar binnen roepen die dan gaat vertellen dat we gefopt zijn. Daarna denk ik dat cabaretier Ronald Goedemondt weldra door de witte deur gaat komen om ons te vermaken met spitsvondige schertsen.  

 

Langzaamaan word ik weer wat helderder in m’n hoofd. Ik vraag weer of het al klaar is, want ik wil naar huis om verder te schrijven aan m’n boek. Als Kitty even later, om ons te laten ontspannen, rondloopt met een regenmakerinstrument, dat is zo’n lange houten buis met kleine korrels die een regengeluid maakt als je hem omdraait, weet ik dat het einde van de reis nabij is.

 

Ik zit bij te komen in een hoekje tegen de kachel. Ondertussen komen de anderen ook langzaam terug van hun reis. Ik denk terug aan wat er in de afgelopen uren allemaal heeft plaatsgevonden en moet lachen, ook voel ik schaamte voor mijn capriolen. Ik hoop de anderen niet tot last te zijn geweest. Die beperkende overtuiging “ik ben tot last” gaat er nooit meer uit. Gelukkig vindt iedereen het juist grappig en stellen de anderen me gerust. We mogen nog wat verzoeknummertjes roepen. Ik vraag “Ridin’ Solo” van Jason Derulo aan. “Lekker surfen!” roep ik. Want in het hoofdstuk Angst zat ik soms op de bodem van de zee. Ik ben wel een beetje jaloers op de mensen die alleen maar regenbogen en liefde hebben gezien. Maar blijkbaar loopt iedereen tijdens een truffelreis z’n eigen levenspaddo. “Je krijgt te zien wat op dit moment in je leven belangrijk is, en je krijgt nooit meer dan je aankunt,” had Kitty gezegd. Wat ik bijzonder vind, is de sterke verbinding die ik voel met de groep als iedereen weer min of meer in het hier en nu is.

 

Rond een uur of zes verplaatsen we ons naar de achterste ruimte, waar we mogen eten. Bas, de partner van Kitty, heeft zich uitgesloofd in de keuken en er staan heerlijke versnaperingen op tafel. Hartige taarten, zoete aardappelsoep, zelfgemaakte pizza, fruit en veel chocola en snoepjes. Want suikers gaan de werking van de psilocybine in de truffels tegen en daardoor trekken de laatste restjes truffel makkelijker uit je lijf, waardoor je eerder helemaal terug bent uit je reis.

 

Tijdens de afsluiting van de dag na het eten deel ik dat ik in de reis het trauma van de geboorte, waarvan ik denk dat elk mens er in meer of mindere mate eentje heeft, opnieuw heb beleefd. Daar weet ik natuurlijk niks meer van, maar mijn moeder vertelde ooit dat ik vroeger als baby vaak een strak gespannen lijfje had en altijd weg wilde tijgeren. Altijd op de vlucht. Ondanks dat de geboorte redelijk vlotjes is verlopen voor m’n moeder, was ik een hele onrustige baby. Ik denk dat een geboortetrauma best eens bij zou kunnen dragen aan verlatingsangst of andere angsten.   

Ik kijk naar het woord op de kaart die ik aan het begin van de dag had getrokken: Vrijheid. Ik hoop dat ik bevrijd ben van chronische overprikkeling, en weer gewoon door de Rotterdamse Koopgoot kan lopen zonder een uit elkaar knallend hoofd als ik ter hoogte van de Hunkemöller ben, en me weer gewoon kan laven aan lingeriesetjes zonder hoofdpijn. We gaan het zien de komende weken. Ik schrijf er vast wel weer een verhaal over.  

 

Ik wil Floor en Kitty van Lichtjes aan de Haven bedanken voor de bezielde begeleiding en de veilige ruimte voor de reis. Zonder hen was ik waarschijnlijk gedurende de reis lichtjes in de haven beland, met een nat pak als resultaat. Goede begeleiding is echt belangrijk tijdens zo’n psychedelische ceremonie. Ze hebben het voortruffelijk gedaan, de engeltjes van Lichtjes aan de Haven. En laat ik engeltje Bas van het heerlijke eten niet vergeten. Ik hoop dat deze engeltjes nog een tijdlang op mijn schouder meereizen.   

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.